Toch wat van d’r vader
dinsdag, maart 30th, 2010Sterre haalt een zaklampje helemaal uit elkaar en zet het weer in elkaar. Werkend. Vijf onderdelen. Aanleg voor techniek heeft dat kind
Sterre haalt een zaklampje helemaal uit elkaar en zet het weer in elkaar. Werkend. Vijf onderdelen. Aanleg voor techniek heeft dat kind
Vorige week werd ik weer doorgelicht. Cor en Sterre gingen mee, we zouden tenslotte belangrijk nieuws krijgen. Het eerste belangrijke nieuws werd me al in de auto op weg er naartoe meegedeeld, vanaf de achterbank: “Mama, ikke poep!” Dat bleek gelukkig loos alarm. Het tweede was dat alles met het nieuwe kind in orde is. Wist ik wel, maar je wilt het toch graag bevestigd zien (zeker omdat ik dit keer geen extra “36+ testen” op kansen op syndromen had willen doen). En het derde belangrijke nieuws was dat het een meisje is. Wat betekent dat alle wensen, voorgevoelens en bakerpraatjes die me vanuit de omgeving zijn meegedeeld het niet bij het rechte eind hadden. Zonder daar een waardeoordeel over te geven, want een jongetje had ik ook best leuk gevonden. ‘t Was weer eens wat anders geweest. Maar dit meisje zal sowieso wel anders zijn dan Sterre, zo gaat dat toch? Misschien wat rustiger, of juist drukker. Ik ben benieuwd, we gaan het allemaal meemaken. Afgaande op de foto kan ik er nog niks van zeggen, daar lijkt ze als twee druppels water op haar grote zus toen die even oud was. Of zien al die 20-wekenbaby’s er hetzelfde uit?
Er belde een mevrouw gistermiddag. ‘Mijn dochter heeft een poes gevonden die lijkt op jullie beschrijving in het krantje. In de sloot…
Willen jullie haar ophalen en zelf begraven, of zal ik de dierenambulance bellen?…
Sterkte!’
We hadden wel zo’n vermoeden, omdat Streep het leuk vond om over het ijs te lopen, tot op de dag dat het al lang dooide. Maar oh, wat een rot idee dat dat arme beest… boehoe….
Het leukste vond Sterre de kleine olifant, de apen deden het ook wel goed, de krokodillen waren ‘beetje eng’. Maar dit was wel een bijzonder geinig moment:
Zo, wat gaat dat hard. Volgende week heb ik er al weer een halve zwangerschap op zitten! Het vliegt me net even te snel voorbij naar mijn zin. Maar het gaat dan ook allemaal vanzelf. Iets meer moe, iets minder conditie, maar ach… Ik geniet ervan. Het kind beweegt al voelbaar (voor mij, nog niet voor de buitenwereld) sinds een week of twee. Dat is ook zo nu en dan wel een eng idee, zo’n alien in mijn buik, maar meestal wel vertrouwd. Vanavond kreeg het een kus van Sterre. Lief. En toen vroeg Sterre of ik de baby in haar buik ook een kus wilde geven.

Die jetlag valt toch niet helemaal te ontkennen. Ik laat jullie nog wat foto’s zien en ga me dan maar voorbereiden op morgen. Dan begint het gewone leven weer…






Het zit er alweer op. En ik vind het prima. Straks mijn rugzak inpakken en morgen na het ontbijt richting vliegveld. Terug ‘to where I belong’, naar Cor en Sterre. Ik heb genoeg souvenirs verzameld, xiao long bao en rijst gegeten, bezienswaardigheden gezien en regen gehad. Ik heb het huis van Sun Yatsen gezien en zijn stem gehoord. De tempel van de Jaden Boeddha en de Historisch Museum van Shanghai in de televisietoren bezocht. Veel gelopen en in taxi’s gezeten.
En van die typisch Chinese dingen meegemaakt waar je graag over vertelt. Want zeg nou zelf, je gaat toch niet naar een vreemd land zonder je te verbazen over hoe anders het is? Als het een hele dag regent, is ronddwalen in een mega-supermarkt een leuk tijdverdrijf. Kijken wat ze allemaal verkopen. En grinniken om het feit dat er meer personeel dan klanten rondloopt: bij elke productsoort, bij elke diepvrieskist, soms zelfs meer dan een medewerker om je van dienst te zijn. Maar als het niet regent, is een avondwandeling over de Bund ook best leuk. Ook al is er van de rivier en de overkant van het water zo weinig te zien, omdat de hele boulevard afgesloten is vanwege een renovatie – voor de Expo 2010. Toch grappig om te zien dat ze ondertussen de doorgaande weg ook gelijk maar afbreken, terwijl het verkeer er nog gewoon overheen raast. Maar als het nodig is, zetten ze gewoon nog wat extra verkeersregelaars in. Er zijn toch mensen zat. En ondanks dat op alle drukke kruispunten stoplichten zijn, moet er tijdens spitsuren echt nog een verkeersregelaar bij om de signalen van de stoplichten te bekrachten. Anders (zo legde een taxichauffeur uit) staat binnen de kortste keren alles midden op het kruispunt vast en kan niemand meer een kant uit.
Maar goed, toen iemand mij vroeg wat nu de verschillen zijn tussen China en het Westen, moest ik even nadenken. Er is zoveel anders, maar ook zoveel hetzelfde. De Chinezen eten ook aardappel. En in Nederland is de bakfiets intussen ook aardig ingeburgerd. En als iemand in de rij bij het loket wil voordringen terwijl ik aan de beurt ben, geef ik haar gewoon een zet. De verschillen zijn eigenlijk maar subtiel. Nou ja…
Misschien ben ik inmiddels al een halve Chinees?




Ik gaf de enige bedelaar die ik tot dan toe had gezien vijf yuan en voelde me, toen ik verder liep, gelijk schuldig. Wat is nou vijf yuan? Zestig cent! Ze had me wel twee keer hartelijk bedankt, de brede lach straalde van haar oorspronkelijk mooie, maar verminkte gezicht af. Maar ik geef zoveel meer geld uit aan dingen die ik niet echt nodig heb…
Aan de andere kant: ik heb vanmiddag voor zo’n zelfde bedrag een eenvoudige, maar goede lunch gehad. Ze heeft dus in ieder geval een maaltijd gewonnen, dat is dan een troost.
Shanghai is een moderne, mondaine stad. Ze hebben de Coolsingel nagebouwd in een straat waar een paar eeuw terug al flink handel werd gedreven en je vindt er de meest luxe winkels en chique bars. Maar neem je een zijstraat en ga je een keer links en twee keer rechts, dan ben je ineens weer in het ‘gewone’ China. Met kleine tweekamerwoningen waarvan de voorgevel gelijk dienst doet als winkelpand. Waar men handelt om te overleven in plaats van om de winst te verdubbelen. Daar kost een bak noedels een euro, terwijl je voor een cappuccino op de Coolsingel vijf euro betaalt. Shanghai heeft het allemaal. En zo’n winkelstraat is leuk, maar ergens op een gammel bankje je noedels eten en uitgebreid de tijd nemen om te kijken en te luisteren en een praatje te maken, dat is nog veel leuker!
Ik dwaalde vanmiddag weer wat door de straten. Het was baggerweer vandaag, en ik twijfelde de hele tijd: zal ik links of rechts, of toch maar weer met de taxi naar huis? Mevrouw de straatveger had net de laatste plastic zak in haar container gegooid en wachtte tot er weer iemand wat op straat zou gooien. Ik bood haar mijn snoepgoed aan dat ik net gekocht had, maar toch niet zo lekker vond. Zij vond het wel lekker en bood mij haar stoel aan. Toen ging ik haar maar de vragen stellen die de Chinezen anders altijd aan mij stellen: waar kom je vandaan? Hoe lang ben je al in Shanghai? Waar zijn je man en kind? Ze was met haar volwassen zoon vanuit de provincie hier naartoe gekomen en verontschuldigde zich: als je wat ouder bent, vind je zo makkelijk geen beter werk. Ik denk dat er talloze mensen als zij in Shanghai rondlopen, het was me al opgevallen dat de straten zo bijzonder schoon zijn.
Mijn schoenen waren doorweekt, maar ik deed er nog een paar straatjes bij. En trof toen een taxichauffeur die ook wel zin in een praatje had. Hij heeft me geleerd wat het woord is voor wat ik doe voor mijn geld: zhao sheng. Ik heb ondanks het baggerweer wel weer een leuke dag gehad. Je bent hier nooit alleen en er is altijd wel iets te beleven

